Throwback Thursday met Søstrene Grene (WIN!)

The most wonderful time (na Kerst althans) is almost upon us! Søstrene Grene lanceert immers haar jaarlijkse najaarscollectie. Het is inmiddels een gewoonte geworden: sinds 2014 laat Søstrene Grene maar liefst twee interieurcollecties op ons los: ééntje in het voorjaar en de andere in het najaar. Dé eyecatcher van de collectie is zonder enige twijfel een speciale stoel die bulkt van warme en fijne schoolherinneringen. Klaar om een tripje te maken down memory lane én zelf kans te maken op een prachtige designstoel? more “Throwback Thursday met Søstrene Grene (WIN!)”

Lieve Jeffree, ik heb je een tikkeltje te hard aangepakt.

Eind januari schreef ik een artikel dat serieus over de tongen is gegaan, namelijk eentje over Jeffree Star. Oké: voor een stuk kan je op voorhand verwachten dat niet iedereen het eens zal zijn met een opiniërende blogpost. Dat het desbetreffende artikel echter zo opgeblazen zou worden en dat zoveel mensen hun gal zouden spuwen, had ik nooit gedacht of verwacht. De ene verweet me een drama lama te zijn (toen ook meteen mijn eerste kennismaking met deze term), de andere vond dan weer dat ik Jeffree veel te hard aanpakte. De belediging met een lama in de hoofdrol is niet echt van toepassing op mij. De tweede persoon had misschien wél een punt: Jeffree kreeg het er inderdaad stevig van langs en achteraf gezien inderdaad misschien een tikkeltje té stevig. more “Lieve Jeffree, ik heb je een tikkeltje te hard aangepakt.”

Nope, ik ben geen “influencer”.

“(an) influencer” (noun): a person who has the power to influence many people, as through social media or traditional media (dictionary.com). Er werd inmiddels al heel wat over gepraat én geschreven, “influencers” (ja, ik blijf het woord tussen aanhalingstekens plaatsen) zijn dan ook hotter than ever de laatste jaren. Niet geheel onlogisch. Vraag het aan enkele bedrijven die reeds gebruik hebben gemaakt van influencer marketing: de link tussen het juiste bedrijf en de juiste persoon kan in vele gevallen effectief leiden tot betere verkoopcijfers. Krijg ik af en toe producten gratis toegestuurd? Jep. Word ik al eens uitgenodigd op een speciale persvoorstelling? Ja hoor. Waarom noem ik mezelf, die toch al enkele jaren blogt en meer dan 10.000 volgers heeft op Instagram,  dan in hemelsnaam géén ‘influencer”? more “Nope, ik ben geen “influencer”.”

Column: There’s no place like IKEA

Moest er een cactus-afkickcentrum bestaan, zou mijn naaste omgeving mij vast en zeker inschrijven. Can’t blame them. De laatste twee jaar spendeerde ik immers pretty much in Ikea en meer bepaald op de plantenafdeling: je weet wel, die afdeling vlak voor de kassa’s waar cactussen worden verkocht in alle vormen en groottes a.k.a. where I want to live. Telkens wanneer ik naar Ikea ga (en neem het van mij aan, dat is veel te vaak), kan ik het niet laten een cactus mee te nemen (je kent het wel: ‘één cactusje kan écht geen kwaad’). Inmiddels zit ik thuis met 5 grote bad boys en een tiental kleinere exemplaartjes. Geen idee waar ik al deze prikkelbare mannetjes moet blijven zetten.

Ikea voedt echter niet enkel mijn cactusverslaving, ook mijn liefde voor interieur en mijn eetverslaving (komaan, wie kan er in hemelsnaam weerstaan aan die heerlijke Zweedse balletjes of aan die vettige hotdogs die je zelf helemaal kunt customizen?!). Ik denk dat het écht begon toen ik Zweeds ging gaan studeren. De eerste maanden op de universiteitsbanken kreeg ik, wanneer mensen mijn studiekeuze vernamen, geregeld de opmerking: ‘Oh Zweuds! Dan kan je bij Ikea gaan werken!’. Naast het feit dat er maar één carrière-optie is voor filologen die voor Zweeds opteerden (like duhuh), was ik destijds nog helemaal niet zo’n IKEA freak. Als kind mocht ik nooit mee met mijn ouders in het woonwarenhuis zelf. Ze dropten me dan ook steevast bij Småland (je weet wel: de ‘crèche’ van IKEA): the horror. Nog steeds heb ik nachtmerries over schreeuwende en huilende kinderen die me van de schommel duwen.

Wanneer ik oud genoeg was om mee te gaan, durfde ik nu en dan al eens te verdwalen. Je hebt het vast wel al ooit meegemaakt bij een bezoekje aan IKEA: af en toe wordt er al eens de naam van een verloren gelopen kind door de microfoon omgeroepen. Meermaals moesten mijn ouders me dan ook komen ophalen ergens in de omgeving van de kassa’s. Nu ik nog iets ouder ben (en niet meer zo snel verdwaal) heb ik de microbe goed te pakken. Ikea heeft wat mij betreft iets magisch: je kan er alles doen waar je me blij mee maakt. That includes: Slapen, eten en cactussen kopen. Geef toe: waar elders vind je een eclectisch imperium waar je werkelijk alles kan vinden wat je ooit zou kunnen nodig hebben om je huis te decoreren en als klap op de vuurpijl ook nog coole washitape en andere random items? Eind deze maand ben ik afgestudeerd en klaar om te gaan solliciteren. Misschien is IKEA toch nog zo geen gek idee.

5 frustraties van een beautyblogger

Het leven van menig bekend beautyblogger lijkt wel over rozen te gaan. Iedere dag puilt hun virtuele alsook hun fysieke mailbox uit van gratis goodies: de nieuwste makeup lanceringen, invitaties voor luxueuze persreisjes en fijne extraatjes. In ons eigenste Vlaanderen zijn we (misschien maar goed ook) een pak minder gewend. Persreisjes? Nope. Uitpuilende mailbox. Geen sprake van bij yours truly. Uiteraard is en blijft het runnen van een blog een bijzonder aangenaam tijdsverdrijf. De tijd die ik zowel on-als offline in mijn blog steek ervaar ik als bijzonder bevredigend. Ik hou ervan om de lokale drogisterij in te duiken, zoekend naar die éne lipstick die naar het schijnt de perfecte dupe zou zijn van een veel duurder exemplaar. Om ’s nachts plots wakker te worden met dat éne idee voor een artikel en het vervolgens snel op te schrijven in één van mijn duizend notitieboekjes. Beautyblogger zijn is fijn, heel fijn. Toch zijn er op tijd en stond al eens dingetjes die me lichtjes irriteren (om niet te zeggen frustreren). Maar al te graag deel ik deze met jullie. Wat volgt mag je alvast met een flinke schep zout nemen trouwens.

Swatches: altijd, overal

Ik probeer zoveel mogelijk binnen te springen bij cosmeticawinkels als Kruidvat en Inno. Vaak met één doel voor ogen: die laatste nieuwe lipstick of dat net gelanceerde oogschaduwpalette zo snel mogelijk in mijn handen te krijgen. Om snel na te gaan of de kwaliteit iet of wat oke is, leg ik mijn lot voor eventjes in handen van swatches. Gevolg: mijn handen (en vaak ook armen) hangen maar al te vaak vol lipstick een oogschaduw én te pas en ten onpas al te vaak krijg ik vlekjes lipstick op mijn kleren. Kleine ramp maar it’s all part of the job!

Picture perfect

Elke foto die ik maak wordt als het ware onderworpen aan een extreem gedetailleerd onderzoek. Passen de attributen wel bij het product? Is er niet teveel schaduw op de foto? Zie ik daar nu geen vingerafdruk op dat blushpalette?! Productfoto’s maken is one hell of a job maar zo fijn wanneer het ein-de-lijk goed zit.

Kritiek krijgen op wat je uitgeeft

“Je hebt heus wel al een lipstick in dat kleurtje hoor, Sofie!” is een zinnetje dat ik maar al te vaak te horen krijg wanneer ik eens een shopuitje plan met een vriendin. Uiteraard zou ik een uitgebreide repliek kunnen voorzien (niet enkel het kleurtje speelt immers een rol, ook de finish en de houdbaarheid zijn cruciaal wanneer het om lipstick gaat – dit eventjes totaal ter zijde uiteraard) maar ik kan me steeds bedwingen. Om de één of andere reden hebben mensen belachelijk snel een oordeel klaar wanneer het gaat om de uitgaves van anderen. Wanneer ik mijn gehele loonbriefje wil uitgeven aan cosmetica is dat mijn goed recht, toch? De rest van de maand op water en brood leven neem ik dan maar voor lief.

No makeup = not done

Als beautyblogger verwachten mensen blijkbaar dat je makeup 24/7 on fleek is. Vlijmscherpe wing, perfect geblende oogschaduw en prachtig bijgetekende wenkbrauwen. Sorry to disappoint: not the case. Soms is het héérlijk om helemaal ongemaquilleerd de deur uit te gaan en je eventjes niks aan te trekken van een wing die voor de zoveelste keer mislukt. No makeup = no problem, zelfs niet voor een beautyblogger.

Een ellenlange beauty wishlist hebben

Zoals reeds vermeld: ik ben er dol op om mijn zuurverdiende centjes uit te geven aan die prachtige, net gelanceerde, lipstick of dat glanzende roségouden oogschaduwpalette. Bij nieuwe limited editions sta ik vaak als eerste in de (vaak virtuele) rij om alles netjes in mijn winkelmandje te gooien en snel af te rekenen. Let the reviewing begin. Gezien er iedere dag wel nieuwe producten op de wereld losgelaten worden, kan je je wel voorstellen dat mijn verlanglijstje inmiddels serieus aangedikt is. Een beautyblog runnen is in ieder geval het perfecte excuus om zoveel mogelijk make-upspulletjes aan te schaffen.

 

 

 

 

 

Makeup is a party and you’re invited

Als cosmeticaliefhebber pur sang kom ik ze vaker tegen dan me lief is: make-up shamers. Op Instagram, aan de kassa van kruidvat of gewoon aan mijn eigenste keukentafel. Make-up shamers qui?! Nee, het is geen speciaal ras dat enkel in de verre Verenigde Staten terug te vinden is. Make-up shamers zijn zij die het nodig achten hun makeup dragende medemens te minachten.

Wat vrij onschuldig begon met een Youtube-filmpje van Nederlands YouTube-fenomeen NikkieTutorials, is vandaag de dag uitgegroeid tot een ware beweging mét eigen hashtag op Instagram: #thepowerofmakeup. Vrouwen overal te velde  zijn het zat om te worden nageroepen op straat of op hun laatste foto op Instagram. “Vrouwen dragen enkel make-up om mannen te plezieren!”, “Hoe onzeker moet je wel zijn met zoveel lagen foundation op je gezicht?” of een tikkeltje onschuldiger maar net zo irritant: “Je hebt heus wel al een lipstick in dat kleurtje hoor, Sofie!”. Waarschijnlijk heb je wat dat laatste betreft trouwens wel een punt.

Ik was een jaar of zes toen ik voor het eerst in contact kwam met de wondere wereld van cosmetica. Voor mijn verjaardag krijg ik een klein koffertje met ‘makeup’. Je kent ze wel, van die plastic doosjes in de vorm van een vlinder die nul komma nul pigment bezitten. Het doosje, gevuld met drie hartvormige roze lipkleurtjes en een groene oogschaduw, ging overal met me mee. Ik voelde me zo’n beetje een makeup artist avant la lettre. Een andere herinnering dateert van rond mijn tiende. Mijn moeder had toen een prachtig dressoir waarop tientallen geurige parfumflesjes geëtaleerd stonden. Elke flacon kreeg mijn aandacht. Stuk voor stuk deed ik voorzichtig het dopje eraf en gaf ik de flesjes een score op 10. Winnaar du jour? Het iconische Chanel n°5 dat me nog steeds aan die onbevangen gloriedagen van weleer doet denken. Wat begon met ietwat aarzelend aan wat parfumflesjes te ruiken, werd snel een intense liefdesaffaire. Via het wereldwijde web leerde ik talloze producten en merken kennen én verdiepte ik me in makeuplingo: blending, contouring, sunstripping… Dergelijke termen eigenden zich al snel een plaatsje toe in mijn dagelijkse vocabulaire. Mijn eerste make-up product schafte ik aan toen ik dertien was. Bezaaid met de nodige tienerpuistjes, voelde ik me als het ware herboren met een laagje foundation op mijn gezicht. Het maakte me niet minder mezelf, wel net het tegenovergestelde.

(ik als 6-jarige met prachtige, barbieroze lipstick uit mijn eigenste, plastic make-upkoffertje)

Flash forward naar circa 11 jaar later: de tienerpuistjes verdwenen als sneeuw voor de zon, mijn liefde voor poederroze blushes, bloedrode lipsticks en sprankelende highlighters is sterker dan ooit. Zo snel mogelijk die nieuwste limited editioncollectie van Catrice in mijn handen krijgen, een mascara vinden die de beloftes op de verpakking effectief inlost of een oogschaudwpalette dat mijn lievelingskleurtjes herbergt: ik word er simpelweg gelukkig van. Betekent dit dat ik nooit zonder make-up de deur uit ga? Neen. Met een ‘blotebillengezicht’ naar de bakker gaan: geen probleem voor mij. Compleet opgemaakt (valse wimpers en rode lipstick incluis) een fitnessles bijwonen? Oók geen probleem. Make-up dient, wat mij betreft, niet per se om je te ‘verstoppen’. Het is een expressievorm en laat net je mooiste uiterlijke kenmerken naar voren komen. Oké, het feit dat dat éne puistje wordt weggewerkt is ook mooi meegenomen. Ik haal vooral veel plezier uit cosmetica: het gehele ‘transformatieproces’ van girl-next-door tot ik-kan-zijn-wie-ik-wil is gewoon één en al fun. Net zozeer als je makeup eraf halen na een zware dag.

Ik draag geen makeup voor mijn vrienden of voor vreemden die net als ik aanschuiven bij de plaatselijke Starbucks. Wanneer ik felroze lipstick draag, doe ik dat simpelweg omdat ik het wil. Als je me op een dag spot met donkere smokey eyes, is het omdat ik daar die dag zin in had. Wanneer ik een week zonder makeup in het straatbeeld verschijn, is het omdat ik voel dat het niet hoeft. Met of zonder makeup: allemaal prima maar it’s no one’s business but my own.